Het was half mei en inmiddels de negende week in ‘corona-tijd’. Het OPDC is dicht en, net als de leerlingen, zit ook ik thuis. Als hulpverlener op het OPDC ben ik zo’n twintig jaar gewend om mijn leerlingen vijf dagen per week mee te maken, trainingen te geven en regelmatig een persoonlijk gesprek met ze te voeren. Nu dus even niet … nu ben ik een hulpverlener op afstand … ik kan er slecht aan wennen.

Tijdens mijn wekelijkse belronde spreek ik een van mijn leerlingen. Op mijn standaardvraag – hoe gaat het met je – krijg ik een standaard antwoord: “Goed”. Tja, wat moet je als puber nog meer antwoorden op zo’n vraag, na negen weken thuiszitten en verveling.

Maar het gaat dus goed met hem. Desgevraagd liet hij weten dat het met iedereen bij hem goed ging. Er waren geen spanningen en de sfeer was prima. Hoe zij dat voor elkaar kregen? Daar was ik als hulpverlener benieuwd naar. Hoe deden zij dat, negen weken spanningsloos als gezin opgesloten zitten? Wat was hun geheim? Daar konden andere gezinnen – ikzelf overigens ook – hun voordeel mee doen.

“Dat gaat vanzelf”, vertelde hij.
“Vanzelf? Dát is jullie geheim? Het gaat vanzelf?! Vind je moeder ook dat het ‘vanzelf’ gaat? Mag ik haar even aan de telefoon?”

Moeder vertelde hoe zij regelde dat de kinderen een vaste tijd opstonden, samen ontbijten, dan aan het schoolwerk. Hoe zij pauzes inlaste, de kinderen taken in huis liet uitvoeren, het gebruik van de spelcomputer reguleerde, samen koken en eten, iedereen tijd op de eigen kamer liet doorbrengen en dat er ’s avonds film werd gekeken of spelletjes werden gedaan. Kinderen op tijd naar bed om in het juiste ritme te blijven en daarna had ze nog even tijd voor zichzelf.

Een knappe klus om dat week na week vol te houden. En dan ook nog op zo’n manier dat je kinderen het gevoel hebben dat het ‘vanzelf’ gaat. Mijn petje gaat af voor deze en alle ouders van jongeren die hun eigen manier hebben gevonden om door deze ‘corona-weken’ heen te komen.

En mijn petje blijft nog even af voor onze leerlingen die, met wisselend gemak, ook uit deze periode zijn gekomen. Gelukkig zijn ze weer terug op het OPDC en zelf kan ik mijn werk ook weer uitvoeren zoals ik dat graag doe: samen met mijn leerlingen.

Meneer Ruud, hulpverlener van Enver op OPDC Rotterdam – Zuid.